Haar eerste lesbienne (NL)
"Iets verder naar beneden graag, als dat kan." Ik weet niet precies wat ze bedoelt, want mijn hoofd ligt op dit moment lager dan mijn voeten. Maar zij zit nog lager, dus zal ze wel bedoelen: dichter naar haar toe. Nóg dichter met mijn ontblote geslachtsopening naar haar toe, die tussen mijn wijd gespreide benen zit. En ik ken haar pas tien minuten.
"Gaan de vrouwen bij u in Holland niet voor een uitstrijkje naar de gynaecoloog?" - "Ik weet niet wat andere vrouwen doen, maar ik in elk geval niet," zeg ik. De arts begint een zacht vermanende voordracht over de risico's van baarmoederhalskanker en hoe de vroege opsporing van kwaadaardige cellen de overlevingskansen vergroot.
Ze is vriendelijk, goed geinformeerd en neemt haar patienten zo serieus dat ze precies uitlegt wat ze voor onderzoeken doet en wat de zin ervan is. Ik heb haar adres via mijn beste vriendin.
Eigenlijk wilde ik alleen mijn borsten laten onderzoeken, omdat mijn moeder borstkanker had en ik een hypochonder ben die al jaren overal knobbeltjes voelt. Maar nadat mijn borsten gezond bleken (de knobbeltjes waren bij nadere inspectie mijn ribben), zei de arts dat op mijn jonge leeftijd een onderzoek van de baarmoedermond veel dringender was - die ellende begint namelijk jaren eerder dan borstkanker. Omdat ik al twee jonge kennissen met celveranderingen heb, hoefde ze niet lang aan te dringen.
"En uw vorige uitstrijkje, waren daar geen afwijkingen te zien?" - "Dat zeg ik toch: er is geen vorig uitstrijkje. Dit is mijn eerste." De gynaecologe schudt haar hoofd over die rare Nederlanders. Ik weet ineens ook niet meer, hoe andere vrouwen bij ons dat doen. Waarom heb ik nooit iemand daarnaar gevraagd? Er is een bevolkingsonderzoek voor ouderen, geloof ik. En de jongeren gaan zeker als ze het recept voor de pil laten verlengen, zeg ik haar. "O ja, de pil gebruikt u ook niet. Maar... u hebt toch wel een vriend gehad."
Ik zou nu gewoon nee kunnen zeggen. Maar dan val ik voor haar klinisch oog onder één noemer met een onervaren dertienjarige. En dat ben ik niet. Ik behoor tot een groep vrouwen met specifieke seksuele aktiviteiten en hun eigen gezondheidsrisico's en daar is een goed Duits woord voor. "Ich bin Lesbe," zeg ik beleefd, mijn hoofd om de deur van het kleedhokje.
"O," zegt de gynaecologe, "Dan hoeft u misschien toch niet ieder jaar terug te komen. Ik bedoel... baarmoederhalskanker wordt vooral overgedragen door seks met mannen. Met vrouwen..." - ze aarzelt - "denk ik... bestaat er eigenlijk niet zo'n groot risico. Lijkt mij."
Dat is één van de weinige nieuwe dingen die ik vandaag hoor. Altijd gedacht dat tumoren vanzelf ontstaan... Na deze mededeling begint de arts een praatje over het weer. Het sneeuwt hier al vijf weken, maar dát wist ik al.
Ik had gehoopt dat ze me bijvoorbeeld op de AIDS-risico's van lesbische seks zou wijzen. Dat die bestaan - anders dan velen denken - , weet ik weliswaar ook al. En wat je allemaal kunt doen om een besmetting te voorkomen, weet ik ook. Dat heb ik geleerd bij een lesbische workshop. Maar het is altijd fijn om bevestigd te zien, dat de dokter ook op de hoogte is. En juist bij haar verwacht ik dat.
Ook zou ik graag willen weten of het waar is dat lesbiennes een verhoogde kans op borstkanker hebben. Al zou ze het willen, ze zou het me niet kunnen zeggen, denk ik. Want de verschillende medische studies naar dit verschijnsel spreken elkaar tegen. En zo ontzettend veel onderzoek wordt er op dit gebied nou ook weer niet verricht. Niet lonend genoeg voor de farmaceutische industrie.
Maar mijn gynaecologe is ineens gefascineerd door het weer. Tja, als je de hele dag binnen in je praktijk zit, dan is het ook wel een heel interessant onderwerp. Ik moet wél naar buiten, dus ik trek, terwijl ze praat, mijn dikke jas aan, doe mijn sjaal om en zet mijn muts op.
Ik schud haar hand, loop de praktijk in het stijlvol gerenoveerde oude pand uit. De gang door, langs de wachtkamer. Langs het rek met brochures voor vrouwen in alle soorten en maten: meisjes die net aan de pil beginnen, zwangere vrouwen, vrouwen met een kinderwens, onvruchtbare vrouwen, vrouwen in de overgang... Maar één groep ontbreekt.
Ik ben de eerste lesbienne in haar praktijk. Zou dat echt zo zijn? Wie weet hoeveel lesbische vrouwen gewoon naar de gynaecoloog gaan en niets zeggen. Of nooit iets met een gynaecoloog te maken hebben - totdat ze echt iets krijgen.
Hoeveel vrouwen per dag lopen er, net als ik, langs dat rek - en krijgen ineens het gevoel dat ze een witte vlek op de landkaart zijn?
"Gaan de vrouwen bij u in Holland niet voor een uitstrijkje naar de gynaecoloog?" - "Ik weet niet wat andere vrouwen doen, maar ik in elk geval niet," zeg ik. De arts begint een zacht vermanende voordracht over de risico's van baarmoederhalskanker en hoe de vroege opsporing van kwaadaardige cellen de overlevingskansen vergroot.
Ze is vriendelijk, goed geinformeerd en neemt haar patienten zo serieus dat ze precies uitlegt wat ze voor onderzoeken doet en wat de zin ervan is. Ik heb haar adres via mijn beste vriendin.
Eigenlijk wilde ik alleen mijn borsten laten onderzoeken, omdat mijn moeder borstkanker had en ik een hypochonder ben die al jaren overal knobbeltjes voelt. Maar nadat mijn borsten gezond bleken (de knobbeltjes waren bij nadere inspectie mijn ribben), zei de arts dat op mijn jonge leeftijd een onderzoek van de baarmoedermond veel dringender was - die ellende begint namelijk jaren eerder dan borstkanker. Omdat ik al twee jonge kennissen met celveranderingen heb, hoefde ze niet lang aan te dringen.
"En uw vorige uitstrijkje, waren daar geen afwijkingen te zien?" - "Dat zeg ik toch: er is geen vorig uitstrijkje. Dit is mijn eerste." De gynaecologe schudt haar hoofd over die rare Nederlanders. Ik weet ineens ook niet meer, hoe andere vrouwen bij ons dat doen. Waarom heb ik nooit iemand daarnaar gevraagd? Er is een bevolkingsonderzoek voor ouderen, geloof ik. En de jongeren gaan zeker als ze het recept voor de pil laten verlengen, zeg ik haar. "O ja, de pil gebruikt u ook niet. Maar... u hebt toch wel een vriend gehad."
Ik zou nu gewoon nee kunnen zeggen. Maar dan val ik voor haar klinisch oog onder één noemer met een onervaren dertienjarige. En dat ben ik niet. Ik behoor tot een groep vrouwen met specifieke seksuele aktiviteiten en hun eigen gezondheidsrisico's en daar is een goed Duits woord voor. "Ich bin Lesbe," zeg ik beleefd, mijn hoofd om de deur van het kleedhokje.
"O," zegt de gynaecologe, "Dan hoeft u misschien toch niet ieder jaar terug te komen. Ik bedoel... baarmoederhalskanker wordt vooral overgedragen door seks met mannen. Met vrouwen..." - ze aarzelt - "denk ik... bestaat er eigenlijk niet zo'n groot risico. Lijkt mij."
Dat is één van de weinige nieuwe dingen die ik vandaag hoor. Altijd gedacht dat tumoren vanzelf ontstaan... Na deze mededeling begint de arts een praatje over het weer. Het sneeuwt hier al vijf weken, maar dát wist ik al.
Ik had gehoopt dat ze me bijvoorbeeld op de AIDS-risico's van lesbische seks zou wijzen. Dat die bestaan - anders dan velen denken - , weet ik weliswaar ook al. En wat je allemaal kunt doen om een besmetting te voorkomen, weet ik ook. Dat heb ik geleerd bij een lesbische workshop. Maar het is altijd fijn om bevestigd te zien, dat de dokter ook op de hoogte is. En juist bij haar verwacht ik dat.
Ook zou ik graag willen weten of het waar is dat lesbiennes een verhoogde kans op borstkanker hebben. Al zou ze het willen, ze zou het me niet kunnen zeggen, denk ik. Want de verschillende medische studies naar dit verschijnsel spreken elkaar tegen. En zo ontzettend veel onderzoek wordt er op dit gebied nou ook weer niet verricht. Niet lonend genoeg voor de farmaceutische industrie.
Maar mijn gynaecologe is ineens gefascineerd door het weer. Tja, als je de hele dag binnen in je praktijk zit, dan is het ook wel een heel interessant onderwerp. Ik moet wél naar buiten, dus ik trek, terwijl ze praat, mijn dikke jas aan, doe mijn sjaal om en zet mijn muts op.
Ik schud haar hand, loop de praktijk in het stijlvol gerenoveerde oude pand uit. De gang door, langs de wachtkamer. Langs het rek met brochures voor vrouwen in alle soorten en maten: meisjes die net aan de pil beginnen, zwangere vrouwen, vrouwen met een kinderwens, onvruchtbare vrouwen, vrouwen in de overgang... Maar één groep ontbreekt.
Ik ben de eerste lesbienne in haar praktijk. Zou dat echt zo zijn? Wie weet hoeveel lesbische vrouwen gewoon naar de gynaecoloog gaan en niets zeggen. Of nooit iets met een gynaecoloog te maken hebben - totdat ze echt iets krijgen.
Hoeveel vrouwen per dag lopen er, net als ik, langs dat rek - en krijgen ineens het gevoel dat ze een witte vlek op de landkaart zijn?
